Peter Verlinden

    CHANGE

    Achterblijven in Congo

    Juli 1960: Congo wordt onafhankelijk. Er komt een abrupt en overhaast einde aan 75 jaar 'le temps des Belges'. De meeste blanken vluchten in paniek het land uit. De zwarte Belgen, de Congolezen, blijven achter. Hoe willen zij hun land opbouwen? Kunnen zij het koloniaal verleden verwerken en achter zich laten? Hoe verandert Congo van een van de welvarendste staten in een van de armste in de wereld?

    Pas nu, een halve eeuw later, vertellen tientallen Congolese mannen en vrouwen hun verhaal. Gewone burgers, maar ook toonaangevende figuren in de Congolese samenleving. Ze waren jongvolwassenen in de jaren vijftig en beleefden de koloniale tijd heel bewust. Hun getuigenissen worden zoektochten naar onbekende en nooit eerder gebundelde herinneringen: het leven met en zonder de Belgen, het geweld en de fysieke terreur, de groeiende puinhoop, de kapotgeslagen hoop... Peter Verlinden ontdekt nieuwe verhalen en schrijft een boeiend en open verslag over het ware leven in Belgisch-Congo en de explosieve gebeurtenissen bij de ineenstorting van het koloniale bewind. Hij brengt voor het eerst de 'vergeten' verhalen van de Congolezen zelf. Een uniek tijdsdocument.

    De Tijd

    10.05.08 'De modelkolonie was al rot' (De Tijd)

    GESCHIEDENIS - Meeste Congolese getuigen bekijken tijd van de Belgen door te roze bril

    In zijn boek 'De teloorgang van een modelkolonie' toont Zana Aziza Etambala aan dat Belgische Congo al voor de opstand in Leopoldstad van 4 januari 1959 een wormstekige vrucht was. Toch is in de herinnering van de inlandse bevolking een rooskleurig beeld blijven hangen van de jaren voor de onafhankelijkheid, blijkt uit de getuigenissen die VRT-journalist Peter Verlinden optekende in 'Achterblijven in Congo'.

    Gelijktijdig met de viering van vijftig jaar Expo 58, toen België groot uitpakte met de verwezenlijkingen in zijn kolonie, verschijnen twee boeken over de woelige periode voor en na de onafhankelijkheid van Congo. De beide publicaties zijn complementair in die zin dat Zana Aziza Etambala zich baseert op geschreven eigentijdse bronnen, veelal uit onontgonnen archieven, terwijl Peter Verlinden in Congo herinneringen aan 'le temps des Belges' is gaan verzamelen. Verlindens boek is een vervolg op 'Weg uit Congo. Het drama van de kolonialen' van 2002. Hij laat een dertigtal Congolezen aan het woord, zowel gewone burgers als leidinggevende figuren, die de abrupte overgang naar de onafhankelijkheid hebben meegemaakt.

    Vanuit het standpunt van de historische kritiek geven de geschreven eigentijdse bronnen een correcter beeld van de gebeurtenissen dan herinneringen aan vijftig jaar geleden. De ellende die de Congolezen hebben gekend, heeft het verleden alleen aantrekkelijker gemaakt. Verlinden is zich daarvan bewust, zoals blijkt uit de proloog van zijn boek: 'Ook in de twijfel, de vervorming, in de hineininterpretierung van de belevingen schuilt een halve eeuw na de feiten een bijzondere waarde'.

    Colour bar

    De oudste getuige die Verlinden aan het woord laat, is de jezuïet Martin Ekwa, een spilfiguur in de Congolese katholieke kerk. Hoewel de tachtig voorbij valt zijn getuigenis op door haar kritische afstandelijkheid. Ekwa keerde pas in oktober 1960, nadat hij zijn studies in Leuven had afgerond, naar Congo terug. Hij waarschuwt voor al te nostalgische herinneringen. 'Natuurlijk waren er toen veel positieve zaken. We hadden bijvoorbeeld overal winkels, tot diep in de brousse. Toch mag je niet vergeten dat een Congolees die behoorlijk kon schrijven toen bijna niet te vinden was.' De meeste getuigen bekijken de tijd van de Belgen inderdaad door een roze bril: dat de gezondheidszorg en het onderwijs toen zo goed als gratis waren en ze zich drie maaltijden per dag konden permitteren, is daar niet vreemd aan. Dat vele jongeren die van het platteland naar de stad waren gestuurd geen plaats vonden op de schoolbanken en in bendes door de stad zwierven, lijkt uit het geheugen gewist te zijn. Over de relaties met de blanken hangt wel een bittere waas. Over het algemeen werden de Vlaamse kolonialen als harder en onmenselijker gezien dan de Franstaligen. Hoewel de situatie van streek tot streek verschilde, bestond er weinig informeel contact tussen blanken en zwarten. Eigenlijk gold in de praktijk een vorm van apartheid die als 'colour bar' werd omschreven. Dat de zwarten in de winkels via een apart luik werden bediend, dat ze uit bars en restaurants werden geweerd en zich niet vrij door de blanke wijken mochten verplaatsen, liet bij velen littekens na. Dat was zeker het geval voor de vernederende bestraffing met de chicote - pas in 1947 werd beslist autochtone autoriteiten, onderofficieren, zwarte geestelijken en hulpagenten geen zweepslagen meer toe te dienen. Ook het verbod om door de eigen streek te reizen zonder toestemming van de autoriteiten plaatst 'de goede oude tijd' in een ander perspectief. De slechte relaties tussen zwarten en blanken als gevolg van de segregatie en het superioriteitsgevoel van die laatsten, waren dan ook de grootste zorg van koning Boudewijn tijdens zijn triomfantelijke Congoreis in 1955.

    Cocagne

    Heel wat getuigen geven toe dat ze niet begrepen wat onafhankelijkheid precies inhield. Het begrip schiep vooral in de steden grote verwachtingen. De eenvoudige zwarten kregen voorgespiegeld dat ze na de onafhankelijkheid een luilekker- leven zouden leiden: ze zouden niet meer moeten werken en iedereen zou toch dezelfde welvaart als de blanken kennen, met een glimmende auto voor de villa. Aan het binnenland gingen die dromen over het land van Cocagne goeddeels voorbij: de onafhankelijkheid kwam er niet ter sprake. Over de tumultueuze uittocht van de Belgen in juli 1960, na vernederingen en verkrachtingen door muitende soldaten, zijn de getuigen wat dubieus. De meeste getuigen voelden zich in de steek gelaten, de blanken hadden niet zo snel mogen vertrekken, al ontkent niemand dat de situatie penibel was. Afgezien van Cléophas Kamitu dan, toen gouverneur van de provincie Leopoldstad: 'Terwijl in de westerse milieus en zelfs tot in de zetel van de Verenigde Naties in New York het volledige spectrum van onveiligheid, verkrachtingen, plunderingen enzovoort opgeklopt werd, kunnen wij bevestigen dat er voor de Belgische burgers, of tenminste voor de overgrote meerderheid van hen, nooit enige reële bedreiging geweest is.'

    Verlindens boek maakt je niet veel wijzer over de reële situatie toen. De auteur heeft zijn getuigenissen verknipt en gemonteerd rond thema's en gebeurtenissen. Zinvoller was geweest de verhalen onversneden naast elkaar te presenteren en ze van de nodige context te voorzien, rekening houdend met de achtergrond van de persoon en zijn geografische en sociaaleconomische omgeving. Etterbuil Het zopas verschenen 'De teloorgang van een modelkolonie' van Zana Aziza Etambala, onderzoeker aan de KULeuven, had daarbij dienstig kunnen zijn. De auteur betoogt dat de modelkolonie waarover de propaganda het had niet bestond. De afwezigheid van opgeleide zwarte kaders was dus zeker niet de enige handicap waarmee het onafhankelijke Congo af te rekenen had. Vooral in de steden, waren de tekenen van desintegratie al veel vroeger zichtbaar. Etambala, die eerder 'Congo '55-'65: van koning Boudewijn tot president Mobutu' publiceerde, steunt daarvoor onder meer op onuitgegeven bronnenmateriaal uit het Fonds Joseph Pholien, minister van staat, en uit het Archief van de Vlaamse jezuïeten in Heverlee. Hij plaatst de kritische brieven van staatsagent André Ryckmans tegenover de conservatieve epistels van de opperbevelhebber van de koloniale Weermacht Emile Janssens, en van de substituut-procureur des konings in Leopoldstad, Roger Sergoynne. Als tegengewicht voor een te blanke visie grijpt de auteur ook terug naar inlandse bronnen, zoals de stukken van de Congolese journalist Evariste Kimba in de krant L'Essor du Congo. Al in het begin van de jaren 50 bleek uit reisverslagen dat achter het beeld van de modelkolonie, volgens de propaganda een oase van orde en rust, een andere werkelijkheid schuilging. Etambala omschrijft de gewelddadige rellen in Leopoldstad van 4 januari 1959 als een etterbuil die moest openbarsten. Over de symbolische betekenis van de opstand bestaat geen twijfel. Het geloof in de almacht van de Belgen was gebroken en maakte plaats voor een periode van toenemende onzekerheid waarin de Congolezen terugvielen op vergeten gewaande voorvaderlijke gebruiken en mythen. Bloedige etnische conflicten, zoals tussen de Luba en Lulua in Kasai in oktober 1959, waren er het gevolg van. Het boek van Etambala schetst een gelaagder beeld van de overgangsperiode naar de onafhankelijkheid dan dat van Verlinden. Ergerlijk is wel dat in 'De teloorgang van de modelkolonie' het geslacht van de woorden voortdurend door elkaar wordt gehaald en er ontelbare keren 'indien' staat wanneer het 'of' moet zijn. Een betere eindredactie had dit boek wel verdiend.

    © De Tijd - Eric Bracke, 10.05.08

    VRT nieuws - archief

    CHANGE

    Belgisch Congo

    Juli 1960: Congo wordt onafhankelijk. Er komt een abrupt en overhaast einde aan 75 jaar 'le temps des Belges'. De meeste blanken vluchten in paniek het land uit. De zwarte Belgen, de Congolezen, blijven achter. Hoe willen zij hun land opbouwen? Kunnen zij het koloniaal verleden verwerken en achter zich laten? Hoe verandert Congo van een van de welvarendste staten in een van de armste in de wereld?30 juni 1960: na meer dan 75 jaar komt er een einde aan de koloniale tijd in Belgisch-Congo. De nieuwe, onafhankelijke staat begint aan een turbulente geschiedenis vol economische en sociale problemen. Toch blijft de koloniale erfenis nog steeds doorleven: talloze infrastructuurwerken, het onderwijssysteem, de gezondheidszorg, administratieve organisatie... dateren nog grotendeels uit de koloniale tijd.

    In ruim 120 foto's blikt dit boek terug op de koloniale leefomgeving van 50 jaar geleden. Propagandafoto's voor het koloniale systeem die uitpakken met de verwezenlijkingen van de kolonie, maar ook foto's van een onbekende fotograaf die de koloniale werkelijkheid in beeld bracht. De beelden worden vergezeld van uittreksels uit originele brieven van Belgische kolonialen die het koloniale leven van toen beschrijven. De beelden en stemmen uit dit boek roepen de sfeer op van het Belgische koloniale verleden en confronteren ons met een dikwijls vergeten realiteit. Voor wie die tijd zelf beleefd heeft, biedt dit fotoboek bovendien een schat aan herinneringen.

    CHANGE

    Het verloren paradijs

    Kind in Congo.

    'Ik ben een witte Afrikaan en ik voel me ook zo.' 'De mooiste periode uit mijn leven.' 'Het verloren paradijs.'

    'Afrikawatcher' Peter Verlinden interviewt Vlamingen die nu nog bijna dagelijks leven met hun kindertijd: ze brachten die in de jaren vijftig door in (Belgisch-)Congo. Hun ouders waren privéondernemers of koloniale ambtenaren. Als kind gingen zij met hen mee of ze werden daar geboren, ze ondergingen én genoten. Want zij leefden grotendeels zonder zorgen.

    De gesprekken die Peter Verlinden met de 'tropenkinderen' voert, zijn zoektochten naar haast vergeten herinneringen. De afdruk van die jaren Congo op hun ziel is nochtans altijd scherp gebleven. En ook de gevoelens en indrukken uit een tijd toen 'kolonisatie', 'kolonie' en 'kolonialen' nog geen besmeurde begrippen waren: het overweldigende welkom in de dorpen, de absolute vrijheid, het leven buiten, het respect voor de zwarten met toch de toen volstrekt evidente apartheid, de ongedwongen en gezellige feestjes onder blanke families... kortom, 'Het Verloren Paradijs'.

    Een halve eeuw later bundelt Peter Verlinden markante persoonlijke verhalen en herinneringen in dit interviewboek. Met getuigenissen van o.a. Karel Vinck en Herman van Rompuy.

    CHANGE

    Hoe Congolees zijn de Congolezen?

    Tijdens vijfenzeventig jaar Belgisch bewind in Congo werden de Congolezen doordrongen van het Belgische model, hét voorbeeld om zich naar te richten, op alle terreinen. Godsdienst, onderwijs, gezondheidszorg, administratie, politie en leger: het koloniale systeem creëerde een 'Belgique tropicale'. De 'inboorlingen' werden vakkundig ontdaan van hun identiteit, hun wensen en verlangens, gedachten en gedragingen. De blanke 'beschaving' torende hoog uit boven de zwarte 'primitiviteit'.

    Vijftig jaar na de onafhankelijkheid zijn Congo en de Congolezen nog altijd niet genezen van het Belgische kolonialisme. Het blanke ideaalbeeld heeft de onafhankelijkheid overwonnen. Tegelijk slagen Congo en de Congolezen er niet in om dat ideaalbeeld te realiseren. En zo worstelt de Congolees met een dubbele identiteit: de verdrongen zwarte en de onbereikbare blanke. Die schizofrenie verklaart in grote mate het failliet van de Congolese samenleving, de armoede en uitzichtloosheid.

    In dit essay graaft PETER VERLINDEN naar de wortels van de Congolese machteloosheid. Hij gaat op zoek naar de oorzaken en opent de discussie over de toekomst. Als journalist is hij gespecialiseerd in het Gebied van de Grote Meren in Centraal-Afrika. Al twintig jaar verzorgt hij de verslaggeving uit die regio.

    CHANGE

    Saudi-Arabië

    Niet beschikbaar

    CHANGE

    Weg uit Congo

    Op 30 juni is het 49 jaar geleden dat Congo onafhankelijk werd. Maar de Belgisch-Congolese machtsoverdracht is onvoorbereid. Het geweld barst los. Muitende soldaten en losgeslagen bendes koelen hun frustratie op de blanke kolonialen. Paniek doet tienduizenden blanken hun tweede vaderland ontvluchten.

    Pas nu, na bijna vijftig jaar, vertellen tientallen ex-kolonialen over de pijnlijke ontnuchtering. In 1960 al riep de overheid hen op om hun gruwelverhaal te doen bij politie of rijkswacht. Het eindrapport, geschreven door een speciale onderzoekscommissie, wordt tot op vandaag angstvallig verborgen gehouden. Peter Verlinden schreef een beheerst en vrijmoedig verslag over de explosieve gebeurtenissen in de ex-kolonie Congo. Slachtoffers en getuigen komen aan het woord en geven zo een nieuwe kijk op de dekolonisatie.

    De aangevulde heruitgave van Weg uit Congo bevat vele bijkomende gegevens uit het Onderzoeksrapport Congo 1960 dat nog altijd niet officieel vrijgegeven is. Voor het eerst wordt er zo uitvoerig uit dit onderzoeksrapport geciteerd! Nieuwe getuigenissen bevestigen dat zich in enkele weken tijd het grootste humanitaire drama heeft afgespeeld dat Belgen hebben gekend sinds de Tweede Wereldoorlog. Een drama waarover tot vandaag gezwegen wordt.